Een boze meneer

Een boze meneer

Op een middag sta ik voor een huis midden in de polder en bel aan. Het is mijn eerste bezoek aan deze meneer. Telefonisch hebben we wel al contact gehad toen ik de afspraak maakte. Toen werd er al een tipje van de sluier opgelicht: de heer is ontzettend boos op alles en iedereen. Zijn vrouw is onlangs overleden en dat heeft een lange geschiedenis gehad. Binnen gekomen nemen we plaats in de keuken en begint hij meteen te praten. Of het wel zin heeft dat ik kom, want dat verandert toch niets aan de situatie. “Want u weet toch wel wat er allemaal gebeurd is?” Dat weet ik niet, want wij krijgen meestal alleen het adres door en een heel korte toelichting. Dat maakt de heer nog bozer: “niemand weet wat en dan moet ik alles weer opnieuw
vertellen en dan beleef ik alles weer opnieuw”.

Allengs komt het hele verhaal er toch uit en zit ik er uiteindelijk een uur. Als ik het niet had afgesloten, had hij nog langer gepraat, zijn woede geuit, tranen gelaten. Als geestelijk verzorger van het centrum voor levensvragen kom ik bij veel mensen die in de rouw zijn. Omdat ze iemand hebben verloren, omdat ze ziek zijn en gaan sterven of omdat hun naaste binnen kort gaat overlijden. Wat kunnen wij als geestelijk verzorgers betekenen en doen? Wij kunnen het niet oplossen, geen pijn of verdriet wegnemen. Wat wij wel kunnen en in het rouwproces van heel grote waarde is: luisteren, luisteren en nog eens luisteren.

Zodat mensen zich gehoord voelen, erkend in hun woede, verdriet en het verlies onder ogen leren zien. Volgens Manu Keirse, een bekende rouwdeskundige, is dat het eerste waar iemand in de rouw door heen moet gaan:  De werkelijkheid van het verlies erkennen, accepteren en laten doordringen in plaats van het te ontkennen. Als geestelijk verzorger bij mensen thuis kunnen wij daar een aandeel in hebben, omdat wij daar juist voor komen en niet zeggen: dat heb ik al gehoord….. of dat weet ik nu wel. Wij luisteren en horen aan, geven ruimte zonder oordeel. En wij komen nog een keer, nog een keer…

Aan het eind van het gesprek, laat hij mij de tuin zien, hoe mooi die is met de bloemen waar zij zo van hield en waar hij nu zo vol liefde voor zorgt. En bij het weggaan hoor ik hem zeggen: “dank u we en sorry dat ik zo boos was”.

Emmy Lingen, geestelijk verzorger

Omwille van de privacy zijn bepaalde zaken in dit verhaal gefingeerd.